Door Peter Aansorgh © copyright Peter Aansorgh Producties

De wereld is veranderd. Als ik vroeger op mijn Puch MS50V Skytrack door de stad reed, was ik gewoon een nozem op een bromfiets. Tegenwoordig krijg ik bewonderende blikken als ik op mijn tweetakt- icoon rondrijdt. Want ja, ik heb hem nog steeds… Al 34 jaar!

Een mens kan niet alles bewaren. Er zijn zat dingen die ik weg heb gedaan, waarvan ik nu spijt heb. Mijn eerste Honda CB 500 four uit 1975, mijn Austin mini 1000 en zelfs mijn Ford escort 1300 uit 1971. Maar in die tijd was het gewoon oud schroot, nu zijn het waardevolle klassiekers. Dat geldt eigenlijk ook voor mijn allereerste bromfiets. Het was een groene Berini. Hij was van mijn opa, die daar dagelijks mee naar de Dru in Ulft reed. Tot hij er te oud voor werd. Toen hij vol gas tegen de achterwand van de fietsenschuur reed omdat hij de rem niet op tijd kon vinden, was het gedaan. Hij mocht er van oma niet meer op en ik kreeg de brommer, op mijn 14e. En omdat ik er nog niet op mocht rijden, ging ik er stiekem het bos mee in, bij Malden. Maar ook dat ging mis. Terwijl ik bij het zweefvliegveld stond te kijken, zag ik de boswachter aankomen. En toen wilde het ding niet starten… Ik werd bij de kraag gegrepen en gaf een eersteklas demonstratie slijmen. En dat werkte. Mijn brommer werd niet afgenomen, ik kreeg slechts een waarschuwing.

 

Brommer cultuur

De Berini bleef netjes in de schuur staan tot ik 16 werd, waarna ik er af en toe op naar school ging, naar de Nijmeegse Scholengemeenschap, kortweg NSG. Natuurlijk maakte je op zo’n “verpleegtersbrommer” niet bepaald de blits. Daarvoor had je een andere brommer nodig, waarbij de keuze sterk afhankelijk was van je status, je sociale voorkeur en je afkomst. En als ik dan de verhalen hoor uit de Haagse en Amsterdamse scene, dan verschilde die brommercultuur per stad ook nog. Bij ons reden “boeren” op een Zündapp of een Kreidler, “kakkers” in een terlenka broek op een Yamaha FS1 of een Puch Grand Prix, Geito’s (sociaal bewogen types op geitenwollen sokken) op een Hasjpuch of de Tsjechische kopie daarvan, de Tomos 4TL.

 

Whisky

De geitenwollen sokken had ik wel, het bijbehorende vervoer nog niet. Maar daar kwam verandering in toen zuslief een feestje had in een boerenschuur in Lent. Ze zag een stuur uit een hooiberg steken en trok eraan. Er zat een Puch MS50V Skytrack aan vast. De vriend in kwestie had de brommer afgedankt, nadat hij er op de dijk in een stikdonkere nacht een paard mee had aangereden. Het verhaal gaat zelfs dat het paard er aan is bezweken, maar dat weet ik niet zeker. Feit is wel dat de brommer voor een fles whisky van eigenaar wisselde en dat ik al snel weer de beste vriend van mijn zus werd. Ik deed al een paar jaar zaterdag- en vakantiewerk bij garagebedrijf Henk Hermse in Malden, een eenmansbedrijf waar ik bij gebrek aan ander personeel binnen de kortste keren volledige onderhoudsbeurten, rem- en koppelingsrevisies en schadereparaties deed. Mijn zus en ik hadden samen twee linker en twee rechterhanden, maar de verdeling was dus wat oneerlijk. Zij was psycholoog in spé. En het kan best zijn dat ook voorwerpen een ziel hebben, maar de contactpunten stel je niet af door te vragen hoe ze zich voelen. Daar heb je voelermaten voor nodig, en kennis…

 

Historie

Het was dus een kwestie van tijd, voordat mijn zus besloot dat de Puch een beter thuis verdiende. Ik kreeg hem cadeau, verkocht de Berini en was de koning te rijk met mijn Puch, ook toen al een cultobject. Dat mag ook wel, want Puch was een fabrikant met een bijzonder rijke historie. De Puch-fabriek werd in 1899 opgericht door Johann Puch, die daarna ook begon met de bouw van motorfietsen. In 1902 nam hij daarmee deel aan een race in Semmering en werd tweede. In 1903 startte hij met de productie van motorfietsen. Vlak daarna begon hij ook auto’s te bouwen, maar omdat de Puch motorfietsen na de Eerste Wereldoorlog enorm populair werden, werd die productie stopgezet. Puch is beroemd geworden om de dubbelzuiger tweetaktmotor, die in 1923 door Giovanni Marcelini werd ontworpen. Deze motor is tot in de jaren 50 geproduceerd. In de jaren 30 veranderde de naam van het bedrijf in Steyr Daimler Puch AG, dat ook auto’s, tractoren en bromfietsen bouwde. De eerste daarvan was de baby-Puch, de MS50, uit 1955. Die verscheen in de loop der jaren in verschillende vormen, uitdossingen en met verschillende namen op de markt. Zoals mijn MS50V Skytrack, die volgens het chassisnummer uit 1972 moet stammen.

 

Custom-achtig

Je kunt zeggen wat je wilt, maar de Puch is eigenlijk een prachtig gemaakte en afgewerkte bromfiets. Het frame is gemaakt van geperste stalen delen, die aan elkaar zijn gelast. Hetzelfde geldt voor de swingarm, die ten opzichte van het frame scharniert op torderende rubberen bussen, waarmee de swingarm aan het frame is vastgetrokken. De swingarm wordt afgeveerd door stereo-schokdempers, die zijn voorzien van verchroomde bussen en fraaie aluminium topjes. De binnenpoten van de telescoopvoorvork worden eveneens afgedekt met fraaie chroombussen, terwijl een kunstig gevormd koplamphuis de smeedijzeren kroonplaat afdekt. Met het schuin naar beneden weglopende frame en het bolle ei-tankje maakt de brommer een custom- achtige indruk, zeker omdat deze ook nog is voorzien van een hoog stuur en een zweefzadel. De dichte kettingkast, de lange, verchroomde uitlaat en het chroomdekseltje op de voornaaf maken het af. In de naven zitten trommelremmen, waarvan de achterste met een terugtraprem via een kabel vanuit het motorblokje wordt bediend. De hele brommer weegt “droog” slechts 39 kg.

 

Juweeltje

Het motorblokje van de MS50V Skytrack is eigenlijk ook een juweeltje om te zien. De meeste brommers uit die tijd hadden gewoon een cilinder met koelribben, maar de Puch heeft een mooie aluminium afdekkap waar een op de krukas gemonteerde ventilator lucht doorheen blaast. Die ademt in via een geribbelde deksel aan de linkerkant. De cilinder zelf is van staal, de cilinderkop is daar zonder koppakking op gemonteerd. Het blok heeft een boring x slag van 38 x 43 mm en werkt met een compressieverhouding van 6,5 : 1. Het brandstof-lucht mengsel wordt via een Bing-carburateur en een spoelpoort in het carter gezogen, zonder tussenkomst van een membraan. Vandaar gaat het via andere spoelpoorten de cilinder in. Officieel had het blok een mengsmering verhouding van 1 : 25 nodig, met een SAE50 motorolie, tegenwoordig gebruik ik daar natuurlijk een echte, volsynthetische tweetakteolie voor. Het topvermogen van dit blok moet ongeveer 1,8 pk bij 4.500 tpm zijn, wat een maximumsnelheid van 55 km/h en een actieradius van 300 km mogelijk maakt. Het vermogen wordt via een natte platenkoppeling en een tweeversnellingsbak met voetschakeling doorgegeven naar het achterwiel.

 

Restauratie

Mijn bromfiets was mijn trots. Ik reed ermee naar school, waar mijn vrienden mij voor milieuterrorist uitmaakten. Maar in het weekend, als niemand het zag, wilden ze hem maar wat graag lenen… Ik reed er ook mee naar mijn “highschool sweetheart” – en ook die “heb” ik nog altijd! Ik reed er ’s zomers ook mee naar mijn vakantiewerk bij een spuiterij in Doetinchem. Ik logeerde dan bij mijn oma in Silvolde en reed in het weekend naar huis, door Duitsland, over Emmerik en Kleef. Best een eind, en toch het begin van een passie die mij uiteindelijk het motorrijbewijs en een carrière als motorjournalist heeft opgeleverd. De eerlijkheid gebiedt daarbij wel te zeggen, dat mijn Puch al snel in ongebruikt raakte. Hij bleef betrouwbaar – al brak het stuur een keer op volle snelheid af, wat de rechtuitstabiliteit niet ten goede kwam. Ik zette er nog een lager stuur op, dat leek me veiliger. Maar toen kwam er een auto, een studie, een baan, kinderen… De Puch stond bij de ouders in de schuur totdat vader vroeg of dat ding nu eindelijk eens weg mocht. Hij stond al 18 jaar stil. Natuurlijk mocht hij niet weg, ik had juist wat meer tijd en besloot de Puch te restaureren. Er zaten inmiddels roestgaten in het achterspatbord en in de kettingkast. Daar laste ik nieuw plaatmateriaal in. De nogal roestige kettingkast liet ik zandstralen, de rest schuurde ik met de hand. Ik spoot hem zelf, met de verfspuit en de compressor en gewone, verdraagzame Flexa-verf. Ik had met auto’s al te veel problemen gezien met speciale, dure verven die zich niet met alle ondergronden verhielden. En ik was zeer tevreden met het resultaat, tot een mus besloot om op de waslijn boven mijn vers gespoten koplampkap te landen en een vette klats naar beneden te sturen. Kon ik opnieuw beginnen…

 

Rinky Toys

Voor de restauratie was iets meer nodig dan een verfspuit alleen. De rubbers van de swingarmas waren gaar, de chroombussen op de voorvork rot, de zuiger versleten en de schakelvork zat los op de as. Gelukkig zit er een Puch-specialist in Breda. Bij Rinky Toys kun je nog veel onderdelen kopen. Sterker nog, hij laat zelfs onderdelen “re-engineeren”. Zo kon ik een gloednieuwe cilinder met een fraaie Mahle zuiger krijgen, nieuwe chroombussen, swingarmrubbers, koppelingsplaten en pakkingen. Dan was het nog een probleem om de roest uit het tankje te krijgen. En dat deed ik verkeerd. Ik klopte de roest eruit door met visloodjes te schudden en goot vervolgens polyesterhars met te veel harder in de tank. De rook sloeg eraf en ik hoorde het knappen van binnen… Dus heb ik op marktplaats een andere tank gezocht en die weer zelf in de goede kleur gespoten.

 

Vermogen

De Puch staat er nu al een jaar of wat picobello bij. Hij start meteen, hij loopt als een tierelier en hij is verzekerd. Voor het nette zou ik er nog een keer een nieuwe uitlaat en een nieuwe achtervelg op moeten leggen, want daarin zitten toch wat roestspikkels. Maar het mooie is: hij rijdt! Af en toe, op een mooie zondag, trek ik hem uit de schuur en ga ik een rondje van een kilometer of 60 rijden. Daar kan ik immens van genieten, ook al heeft het natuurlijk totaal geen motorvermogen, als ik dat vergelijk met de motorfietsen waar ik af en toe op rijdt. De ene dag race ik op het circuit van Spielberg met 200 pk, de andere dag tuf over de dijk met 1,8 pk. En toch is dat leuk, al betrap ik mij erop dat ik op rotondes en in scherpe bochten toch vaak probeer om het gas open te houden, omdat het zo lang duurt voor je op gang bent. De machine mag dan volgetankt 43 kg wegen, als ik erop zit is hij toch meer dan drie maal zo zwaar…En als je niet remt, wordt het zelfs met 1,8 pk nog spannend! Maar het mooiste is het geluid. Het knetteren van zo’n tweetaktmotortje, daar gaat mijn hart echt sneller van kloppen, net als van de looks, die historie en wat we samen meegemaakt hebben. Ik rijd er niet zoveel op, maar verkopen zal ik deze 44-jarige Puch MS50V Skytrack nooit!